
Eervol ambt?
In Reporter was vanavond een reportage te zien waarin oud-ministers spraken over het werk áls minister.
Het betrof allemaal ministers in Paars-II: Peper, De Vries en Netelenbos (PvdA), Van Boxtel (D66) en Korthals en De Grave (VVD).
Deze ministers waren gedurende de reportage in drie groepen in te delen en van geen van drieën word je vrolijk...
Netelenbos, De Grave en Korthals bleken voortdurend bezig de Kamer en de Kamervragen te ontwijken, dan wel wetsvoorstellen niet helemaal afgewerkt in te dienen, zodat diverse fracties nog konden scoren met amendementen. Hoogtepuntje was de opmerking van Netelenbos:"Soms wordt een voorstel als hamerstuk aangenomen, dat gebeurt ook nog wel eens, dus je moet zorgen dat je voorstel niet té slecht is...."
Politiek als zandbak voor volwassenen, zeg maar. Alleen voor De Grave pleit nog dat hij zich zeer bewust was van het feit dat hij ten tijde van Kosovo anderen een oorlog instuurde. Voor de duidelijkheid: allen hadden voor hun functie als minister geruime tijd in de Kamer gezeten. Dat zegt wel iets over hoe ze dát werk deden...
Peper toonde zich zoals we hem kennen: een cynicus pur sang, die bovendien wel zeer overtuigd is van zijn eigen capaciteiten. Niet te kritisch tegen collega's, zodat ze je niet terugpakken en al helemáál niet kritisch tegen de minister-president. Maar ondertussen je staatssecretaris op z'n nummer zetten:"Je moet meer te doen hebben, jochie."
De Vries en Van Boxtel waren enerzijds zoals je een minister graag ziet: vol ambitie, geen zin in spelletjes en niet voortdurend bezig anderen te ontzien. Maar anderzijds kreeg je toch het gevoel dat ze uiteindelijk tot de conclusie waren gekomen dat het ministerschap min of meer verloren tijd was geweest.
Niet een reportage om vrolijk van te worden, geen schokkende uitspraken, maar een licht verontrust gevoel over wat voor mensen er in Den Haag terecht komen maakt zich wel meester van je.
Morgen om kwart over twee 's middags wordt de reportage herhaald.
