Het wordt steeds lastiger om je als spelletjesmaker nog te onderscheiden, lijkt me. Toch is het de maker van Neon Layers gelukt. En je hebt maar twee knoppen nodig ook nog. Je hebt namelijk rode lijnen en groene lijnen, die je beurtelings en op het juiste moment moet aan- en uitzetten om een bal naar de uitgang te leiden. Als dan ook nog eens de zwaartekracht omgedraaid kan worden, vereist dat meer inzicht dan je in eerste instantie zou denken: Neon Layers.

Met enige regelmaat verschijnen er berichten in de media over hoeveel mensen er nu een weblog hebben en blijkt welhaast iedereen te bloggen. Een detail wordt meestal vergeten: dat het doorsnee weblog na twee weken weliswaar online blijft staan, maar dat er nooit meer iets op geschreven wordt.

Grappig is in dit verband One Post Wonder, een site over weblogs die niet verder gekomen zijn dan zelfs maar de eerste post. In sommige gevallen ga je je wel afvragen waarom het opgeschreven is en vooral waarom het schrijven opgehouden is, zoals bij scandal.blogspot.com. Of de dame nog veel vrienden overhad na dit ene postje is maar de vraag…

Waar de plaatsen Hot en Haar liggen weet ik nog steeds niet, maar ik weet wel dat ik de afgelopen week van de ene naar de andere en terug ben gereden. Zondag kwam daar Zoetermeer nog eens bij, maar dat had een buitengewoon prettige aanleiding: Spock’s Beard trad daar op. Zojuist hebben ze een heerlijke DVD en dubbel-cd van hun optreden van vorig jaar uitgebracht, ook al in De Boederij in Zoetermeer. Ook toen was ik daarbij.

Hoewel er toen dus opnamen gemaakt werden, was het optreden van gisteren amper anders. In de goede zin. Spock’s Beard is een band met vijf nogal verschillende types - de tourdrummer Jimmy Keegan meegeteld - maar wat in de eerste plaats opvalt is hoe ongelofelijk veel plezier ze uitstralen. Plezier om het samenspelen, maar ook plezier met het publiek. Er is tijd voor geintjes, een foutje in het spel wordt met een brede grijns afgedaan en geen moment krijg je het idee dat deze mannen hun werk staan te doen.

Ook muzikaal is Spock’s Beard bijzonder. Hoewel ze beslist een progrockband zijn, zijn ze in de eerste plaats een progrockband. Geen eindeloos gefieper om te laten zien hoe goed je wel niet bent - behalve bij de solo van toetsenist Ryo Okumoto -, maar vooral songs met ijzersterke hooks, waar tegelijkertijd heel veel muzikale vaardigheid verwerkt zit. Zelfs het vaste drumduel tussen zanger/gitarist/drummer Nick D’Virgilio en Jimmy Keegan is zeer vermakelijk, met uiteindelijk de beide drummers en gitarist Alan Morse die samen op hetzelfde drumstel staan te spelen.

Rockers die uitslag krijgen van progrockers die heel serieus en met de dynamiek van een zoutzak lang uitgesponnen solo’s staan te spelen moeten echt eens een kijkje komen nemen bij Spock’s Beard. Want Spock’s Beard is Bijzonder.

Def Leppard - Songs From The Sparkle Lounge

Glenn Hughes heeft een ongelofelijke carrière. Hij maakte deel uit van het legendarische Trapeze - dit album is opgedragen aan de terminaal zieke Trapezegitarist Mel Galley -, van Deep Purple, van Black Sabbath en heeft inmiddels een respectabel oeuvre onder eigen naam. Dat laatste overigens pas na een periode van zware verslavingen, die hem onder andere zijn plek bij Black Sabbath kostte.

De laatste jaren heeft hij een muzikale bloedbroeder gevonden in de persoon van Red Hot Chili Peppersdrummer Chad Smith. Die heeft hem aangemoedigd om niet steeds te voldoen aan de roep om AOR-songs en ook andere stijlen uit te proberen. Ten eerste heeft dat Hughes ertoe aangezet zijn altijd al prominent aanwezige funkkant uit te proberen, maar ook ingetogener songs, zoals op het vorige studio-album Music For The Divine.

Op dit nieuwe album First Underground Nuclear Kitchen zet hij een stap in de andere richting. Zoals de titel al aangeeft is dit een heftig funkend album. Weinig ingetogen tracks, geen pure rocktracks, maar wel heftige funkrock en zelfs poppy Prince-achtige funk. Maar wel altijd op en top Glenn Hughes. Wie juist van zijn rockwerk houdt kan dit album laten liggen, wie ook van de funkkant houdt is spekkoper: Glenn Hughes - First Underground Nuclear Kitchen.

Zo lang als ik me kan herinneren, ben ik een groot liefhebber van liveplaten. Het eerste album dat ik als muziekbewuste puber kocht was Status Quo Live en dat is tot op de dag van vandaag een van mijn favoriete albums. Van heel veel andere bands heb ik uitsluitend of bijna uitsluitend live-albums.

Zeker als het bluesartiesten betreft is een live-album vrijwel altijd hun beste werk. Wanneer ik kennismaak via een live-album kan ik er dus van uitgaan dat ik meteen kennismaak met het beste wat ze te bieden hebben.

In het geval van Monte Montgomery is dat ongetwijfeld ook het geval. Want hoewel de man vrijwel alles op akoestische gitaren speelt, doet hij dat met zoveel geweld dat je dat ten eerste vaak amper hoort en dat dat ten tweede niets afdoet aan het rockkarakter. De liefhebber van gitaarvirtuozen zit derhalve met open mond te kijken naar ’s mans techniek, de blues- en rockliefhebber krijgt een stel fantastische songs voorgeschoteld: Monte Montgomery - Live At Workplay.

Spock’s Beard - Live

Een van de meest tragische gitaarhelden is voor mij Michael Schenker. Enerzijds is hij een waanzinnig goede gitarist, uit duizenden herkenbaar en met ook altijd een stevige bluescomponent in zijn spel. Op diverse van mijn favoriete cd’s is hij de gitarist. Maar tegelijkertijd heeft de man zijn eigen carrière bepaald geen goed gedaan met drank- en drugsverslavingen. Niet alleen joeg hij keer op keer bandleden de band uit met zijn onvoorspelbare en onprofessionele gedrag, ook zijn cd’s waren bepaald niet altijd goed.

Nog in 2007 werd een toernee in Engeland afgebroken doordat Schenker weer eens straalbezopen op het podium stond en niet zo lang daarvoor zag een bandlid zich genoodzaakt zijn excuses te maken voor de wanprestatie op een toernee in Azië. Ook in zijn reacties had Schenker dan volop excuses voorhanden, maar enige kritische zelfreflectie was dan ver te zoeken.

Inmiddels heeft Schenker een andere manager en is hij van de VS naar Engeland verhuisd om een nieuwe start te maken. De mensen om hem heen schijnen te geloven in een nieuwe start, want voor het nieuwe album had hij weer een reeks oude rotten: Gary Barden als zanger, Neil Murray als bassist en Simon Phillips als drummer.

En het moet gezegd worden, het is een buitengewoon aangenaam plaatje geworden. Niet meteen zijn sterkste werk, maar het is consistent van goede kwaliteit en dat is niet vanzelfsprekend bij Michael Schenker. Het gitaarwerk is zoals altijd uiterst herkenbaar, de nostalgie van het werk uit de jaren tachtig doet de rest: Michael Schenker Group - In The Midst Of Beauty.

Update: De tourband is ook serieus goed: naast Michael Schenker en Gary Barden Chris Glen (ook ex-MSG), Chris Slade (ex-AC?DC) en Wayne Findlay (Slavior). Nu nog Nederlandse optredens…

Wordt u ook zo doodziek van dat riedeltje van Opus uit de Bavaria-reclame? Wat ik ook opzet, minuten later hebben ik weer “Life is a rocky road” of “Life is a cosmic symphony” (”Wir sind doch underground!”) in m’n hoofd hangen. Het is een vermakelijke reclame, zeker. Maar met verrassend hardnekkige ongewenste bijverschijnselen.

Over de effectiviteit van de reclame kun je overigens twisten. Ik drink nog steeds geen bier.

Pain Of Salvation - Scarsick

Netjes, toch, een excuusmailtje van Sony?

Wij willen onze excuses aanbieden voor het recent versturen van een e-mail in het Pools betreffende de nieuwe W4000 series. Dit is helaas veroorzaakt door een administratieve fout. Wij willen u ervan verzekeren dat het probleem nu opgelost is en u zult de komende e-mails in uw eigen taal ontvangen.

Okee, “wij willen u ervan verzekeren” is behoorlijk kreupel Nederlands, maar vooruit, dat kan nog eens gebeuren. Maar de titel stelt de boodschap wel in een heel dubieus daglicht: Veuillez accepter nos excuses

John Petrucci and Jordan Rudess - An evening with

Je zou er bijna op gaan hopen, wanneer je voor de driehonderdste keer op een dag dat genant vet aangezette “Bloed, Zweet en Tranen” voorbij hoort komen. Okee, dat dat gedoe met dat oranje erbij hoort, daar kan ik nog mee leven - van twee uur voor de wedstrijd tot twee uur na de wedstrijd, tenminste. Maar dat je ook ineens verplicht continu met hoempa om de oren geslagen moet worden, gaat er bij mij niet in.

En dan ben ik nog een voetballiefhebber…

Bandjes die zwaar teruggrijpen op de zeventiger jaren zijn heel erg in sinds Wolfmother daar succesvol mee was. Dat vind ik helemaal niet erg, maar laten we wel zijn, de meeste van die bandjes halen absoluut niet de klasse van Wolfmother.

Year Long Disaster is een ander verhaal. Zanger Daniel Davies heeft behalve een gezonde muzikale opvoeding - zijn pa is Dave Davies van The Kinks - een stem waar je u tegen zegt. Hij kan brullen en tegelijkertijd blijven zingen en dat is weinigen gegeven. Met muzikanten daarbij die uit Karma To Burn en Third Eye Blind komen blijkt Year Long Disaster nou net een van die bandjes die wèl het niveau van Wolfmother haalt: Year Long Disaster - Year Long Disaster.

Cream - Disraeli Gears

Gelezen bij bw14:

„Handboeien zijn voor in de slaapkamer.” verklaarde ze. „Niet voor in de trein.”

Het heeft even geduurd - drukdrukdrukdrukdruk - maar het verslag van Arrow staat nu toch echt op File Under. Kort samengevat: het was weer fijn. Arrow Rock Festival 2008 Achteraf.

David Lee Roth - Skyscraper

Gisteren was een dag van hevige teleurstelling. Ik reed voor het eerst achter een auto die nieuwer was dan de mijne.

De cd van het Kiss-concert op Arrow maakte veel goed. Vanavond het verslag over Arrow op File Under.

Gelezen bij De Speld:

Sneijder scoorde zowel tegen Italië als tegen Frankrijk. Een persoonlijke fout, zo geeft hij grif toe. “De bal gaat erin. En dan weet je dus dat je je eigen glazen in hebt gegooid. Stom. Had niet gehoeven.”

(via Sargasso)

Volgende Pagina →