Er worden de raarste stunts uitgehaald om te voorkomen dat cd’s via recensenten voortijdig uitlekken: er wordt om de twee minuten tussendoor gepraat, je krijgt een mix die half af is of - zoals onlangs bij File Under bleek - er worden periodiek toeters ten gehore gebracht. Dat alles om maar te zorgen dat je een behoorlijke beoordeling kunt geven, zeg maar.

Bij de nieuwe live-cd/dvd van Julian Sas hebben ze een oplossing gekozen die misschien niet ideaal is, maar in elk geval beter: ik heb alleen de bonus-cd met vijf akoestische tracks gekregen. Dat zegt niets over de live-cd, over de songkeuze daarop of de beelden op de dvd, maar uit deze akoestische cd blijkt wel dat er veel aandacht aan is besteed. Het klinkt namelijk gigantisch goed. Zelfs met je harses tussen de luidsprekers is het geluid uitstekend. Muzikaal is er bij Sas sowieso niet veel te klagen: Julian Sas - Wandering Between Worlds.

Umphrey’s McGee - Mantis [recensie]

Nrcnext.nl - dat trouwens een erg geslaagd nieuwsblog geworden is - vroeg vorige week om een alternatief voor reaguurder. Terecht, want ook al is GeenStijl niet de bedenker van de term, inmiddels is de term wel iets teveel synoniem geworden voor ongenuanceerde en botte reacties van  anonieme ettertjes.

Na een lange reeks suggesties van lezers - soms grappig, soms vergezocht, soms al vol lading - is uiteindelijk reacteur uit de bus gekomen. Sargasso-collega Steeph verwoordt perfect waarom reacteur zo’n goed alternatief is:

“Daar zit zowel het begrip reageren/reactie in, als dat het aangeeft dat ze eigenlijk mede-redacteur zijn van de stukken. Goede weblogs bloeien bij goede reacties.”

U bent voortaan dus een reacteur. ‘t Is maar dat u het weet.

Audiocassettes, wat een pret was dat! Verzamelcassettes maken en tevoren precies uitrekenen hoeveel tijd je overhield aan het einde, om uiteindelijk toch twee seconden tekort te komen. De geluidskwaliteit was al helemaal om te huilen, dus als je al een aftands cassettedeck hebt is er geen reden om je audiocassettes nog te bewaren.

Tenzij je er kunst van maakt. Zo heeft iemand portretten van muzikanten gemaakt, met gebruikmaking van de tape van cassettes. Zoals de maker zegt: “I imagine we are all like cassettes, thoughts wrapped up in awkward packaging.” Het resultaat mag er in elk geval zijn: Ghost In The Machine.

Twee stonerwerkjes met iets meer variatie dan gebruikelijk zijn van Wino en Pilgrim Fathers.

Wino schijnt aan de wieg van de stoner gestaan te hebben. Het zal wel, maar ik hoor het er niet aan af. Punctuated Equilibrium klinkt niettemin heel prettig, met zoals gezegd meer variatie dan gebruikelijk, met uitstapjes naar spacerock en vette hardrock.

Pilgrim Fathers moet heel wat geestverruimende middelen gebruikt hebben bij het bedenken van de titel Dr. Niall Bombast (black) & His Tigh Minded Scope Trooper (dog). Vervolgens blijkt het album met die titel juist maar drie songs te bevatten: het titelnummer, een spacey soundscape en een folky jam. Vooral het titelnummer is de moeite waard.

Twee maal behoorlijk vaag: Wino - Punctuated Equilibrium en Pilgrim Fathers -Dr. Niall Bombast (black) & His Tigh Minded Scope Trooper (dog).

Joe Bonamassa - The Ballad Of John Henry [recensie]

Geïnspireerd door de fraaie FAQ van muzikant Ryan Parmenter (recensie van zijn fijne plaat op File Under) ga ik uw hulp inroepen.

Nog steeds wil ik de layout weer netjes hebben - nog steeds, joh? jaahaaaaah! - en daar past een sectie R.A.Q. (Rarely Asked Questions) uitstekend in. En wat nog wat mooier is, het toevoegen daarvan is ook een makkie waarvoor niet eerst de hele lay-out op de schop hoeft. De kans dat er dus daadwerkelijk iets als een R.A.Q. komt is dus aanzienlijk.

Zelf kan ik tal van vreemde vragen bedenken, maar u kunt er vast ook wat van. Grijp uw kans en stel me een vreemde vraag. Het spreekt vanzelf dat daar te zijner tijd een vreemd antwoord op zal volgen.

Interactiviteit op Komma Punt Log! Het moet niet gekker worden…

Hayseed Dixie kende ik van een paar fijne coverversies van rockklassiekers. Motörhead’s “Ace of Spades” in bluegrassversie en zo. Ome Storm van File Under was zo aardig om me de verzamelaar ter recensie toe te sturen, waardoor ik de leukste covers in een keer in m’n collectie heb. Plus een aantal eigen songs die aangeven dat er voor de Hayseed Dixie leven is na de covers: Hayseed Dixie - Golden Shower Of Hits!!

Ween - At The Cat’s Cradle, 1992 [recensie]

Soms is file een prachtige uitvinding. Niet gisterochtend, toen ik pas na twee uur op mijn werk arriveerde omdat het een beetje regende, maar gisteravond wel.

Omdat de files op mijn route ’s avonds lange tijd boven de 15 km uitkwamen, stapte ik pas om half zeven in de auto. De files zorgden er bovendien voor dat ik pas om acht uur de parkeerplaats thuis opdraaide. Maar daardoor kon ik precies de uitzending van NPS Kunststof beluisteren, zoals u wellicht weet een favoriet van mij.

Te gast was kunstenaar Joost Veerkamp, over zijn laatste werk, de hemeldoos. Een watte? Een hemeldoos. Een doos met benodigdheden voor de reis naar het hiernamaals. Bizar? Tuurlijk. Provocerend? Ook wel. Maar vooral een fraai idee, humoristisch en van een onaangepaste logica om van te smullen.

Veerkamp praatte een uur lang over het ontstaansidee, hoe het bijna niet doorging en hoe de keuzes gemaakt zijn voor wat er in de doos zit. Maar wat zit er dan in die doos? Dat kunt u zelf zien op Veerkamp’s site of beluisteren op de podcast van NPS Kunststof, die nog een klein weekje te downloaden is.

Zelden kwam ik zo vrolijk en monter uit de file…

Ryo Okumoto - Coming Through

Lang heb ik mezelf een wannabe-nerd genoemd. Vanaf vandaag loop ik een paar weken stage bij een andere afdeling van mijn werkgever, tussen de CMS developers. Dat is de opmaat naar een technische training, die ik over een tijdje moet (nou ja, mag)  geven. Ook op de langere termijn is een ontwikkeling richting techniek voorzien.

Ik vind dat ik me nu toch echt een nerd mag noemen. Ooit opgeleid als belastingadviseur, dat wel, maar toch…

Spinvis - Goochelaars & Geesten

De zingert van Status Quo heeft geen paardestaart meer! Met extragratis flauwe woordspeling in de titel. O ja, u kunt ‘m winnen. Iew…

(Oh, u had echt belangrijk nieuws verwacht? Dan moet u wat vaker hier langskomen, hihi…)

Ween is zo’n bandje dat ooit een grote favoriet was, maar met het recente werk langzamerhand weer uit mijn blikveld verdwijnt. De laatste albums Quebec en La Cucharacha waren teleurstellend en komen nog zelden mijn platenkast uit.

At The Cat’s Cradle, 1992 dateert juist weer uit de tijd dat ik Ween nog niet in het vizier had. Gene en Dean Ween traden toen nog als duo op, maar hooguit een paar tapes die meedraaien. Grappig, rauw, maar ook wel erg rommelig. Op weg naar de klasse van Chocolate and Cheese, zullen we maar zeggen: Ween - At The Cat’s Cradle, 1992.

NDV - Karma

Jawel, ik ben ook aan het Twitteren geslagen. Niet op de mobiele telefoon, want dat apparaat is niet echt aan mij besteed, maar gewoon via de website. Dankzij Onno, die mij erop wees dat je helemaal niet mobiel hoeft te Twitteren.

Ben ik nu helemaal om? Nou nee. Ik wil gewoon even kijken of het een blijvertje is, of dat ik binnen twee weken mijn account alweer bijna vergeten ben. Just testing, zeg maar. Berichtjes over hoe leuk concerten wel niet zijn is kunt u wel vergeten, ik ga lekker staan kijken en me vooral niet bezig houden met mijn mobieltje…

Van Ome Storm kreeg ik een live-dvd en een studio-cd van Nashville Pussy toegestuurd. Het bleef nogal lang liggen allemaal, niet omdat het slecht was, maar omdat ik me maar met moeite tot het bekijken van dvd’s kan zetten. Hoe goed ook, het gaat me om de muziek en de beelden kunnen me zelden langer dan vier nummers boeien. Dat was hier ook het geval, maar dat lag niet aan de twee heren en twee dames die dit Nashville Pussy vormen.

Subtiel zijn ze niet, getuige ook de naam, maar spelen kunnen ze. Ruige hardrock, soms bijna sleazerock,  met southern rock-trekjes. Gitariste Ruyter Suys kan er bovendien wat van. Haar solo’s zijn snel, pittig en degelijke hardrocksolo’s zoals je ze bijvoorbeeld bij Ted Nugent kunt horen. Wel iets korter, dat wel.

Vooral live spat de energie ervanaf, maar ook studio hebben ze dat aardig kunnen vasthouden. Dat ik mijn aandacht er niet altijd bij kon houden lag in dit geval volledig aan mij: Nashville Pussy - From Hell To Texas / Live In Hollywood (dvd).

Marillion - Early Stages

De bonussen houden de algemene opinie behoorlijk bezig dezer dagen. Niet ten onrechte, want tal van die bonussen lijken terecht te komen bij de personen die de huidige kredietcrisis hebben veroorzaakt.

Er wordt door SP en PVV geroepen dat alle bonussen maar met 90% belast moeten worden, net zoals dat in de VS gebeurt met de bonussen van verzekeraar AIG. Maar is dat wel de oplossing?

Er zijn verschillende soorten bonussen: bonussen die feitelijk een variabele component van het normale salaris zijn, zoals een vertegenwoordigerssalaris deels gebaseerd is op wat hij verkoopt en bonussen voor uitzonderlijke prestaties die niet elk jaar hoeven te worden uitgekeerd.

Daarnaast maakt het nog een verschil op welk niveau de ontvanger van de bonus zich bevindt. Zit die zo hoog in de boom dat hij daadwerkelijk de koers van en bedrijf of bedrijfsonderdeel uitzet, of is hij als het ware een soort onderaannemer die een flink deel van de doelstelling van hogerhand opgelegd krijgt?

De eerste soort bonussen hoort in feite bij het gewone salaris. Je krijgt een - meestal financiële - doelstelling en haal je die dan krijg je iets meer dan wat normaal gesproken op dat niveau het salaris zou zijn. Doe je het minder, dan zal dat betekenen dat je wat minder ontvangt. Bij deze bonussen zal het in de praktijk betekenen dat met de huidige crisis minder uitgekeerd wordt. Precies wat je bij een bonus verwacht, zelfs als het hier betekent dat de ontvanger door externe oorzaken - de crisis - zijn doelstellingen niet haalt. Eerder had hij voordeel bij de hoogconjunctuur, dus dat is een gerechtvaardigd effect.

Iets anders wordt het bij bonussen aan de topbestuurders. Topbestuurders kregen in de afgelopen jaren bijna per definitie steeds hogere bonussen. Deed het bedrijf het slechts dan had de topbestuurder het bedrijf door een lastige periode geloodst, deed het bedrijf het goed dan draaide het dankzij hem zo goed. Feitelijk werd er een rechtvaardiging voor een bonus gezocht, met als enige doel die bonus steeds hoger te laten worden. De bonussen werden een veel grotere beloningscomponent dan het vaste salaris, met als grootste probleem dat de doelstellingen altijd kortetermijndoelstellingen als de beurskoers waren. Het oppompen van de cijfers en het aangaan van projecten die op korte termijn veel rendement opleverden maar op lange termijn riskant konden zijn werd daarmee beloond.

Dat beloningsstelsel, en het algemene geloof dat elk bedrijf  jaar na jaar 10 % winstgroei zou moeten opleveren,  hebben geleid tot het uiterst riskante gedrag dat uiteindelijk een kredietcrisis opleverde. De risico’s kwamen naar buiten bij de slechte hypotheken, het geloof dat de bomen tot in de hemel groeiden verdween en alle lucht verdween uit de beurskoersen.

Maar de bestuurders die daaraan hebben meegewerkt vertikken het nu om de consequentie te nemen en blijven op bonussen hameren. Gelukkig voor hen zijn de bestuurders in de ene organisatie de commissarissen in het andere, dus ze kunnen elkaar bonussen blijven toekennen. Het zijn deze bonussen die aangepakt moeten worden. Ten eerste is het belachelijk dat een bonus een veelvoud kan zijn van het vaste salaris, ten tweede moeten bonussen gekoppeld zijn aan langetermijndoelstellingen in plaats van kortetermijndoelstellingen.

Wanneer je blind de bonussen voor 90% belast, is het enige resultaat dat wat eerst als bonus werd uitgekeerd nu als vast salaris, als pensioenuitkering of als optieplan wordt uitgekeerd. De bonussen horen onderdeel te zijn van een totaalpakket aan salaris. Dat betekent dat je een maximum zou moeten stellen aan het totaal wat bestuurders kunnen krijgen.

Het FNV kwam al met het idee van een maximum gebaseerd op het laagste salaris in de organisatie. Dat klinkt wel heel simpel, maar er zit best iets in. De afgelopen jaren kregen tal van werknemers te horen dat ze niet in salaris vooruit konden, terwijl de topbestuurders een jaar later een salarisstijging van 20% kregen. In de praktijk bleken aandeelhouders zich daar niet tegen te verzetten, omdat het aandeel flink in waarde was toegenomen. Door een dergelijke methodiek - eventueel aangevuld met een bonusstructuur die juist langetermijndoelstellingen als criterium hanteert - voorkom je dat bestuurders slechts een jaar verder denken, omdat het betekent dat ze hun salaris weer omhoog kunnen gooien.

Domweg 90% belasten zal alleen bewerkstelligen dat hetzelfde bedrag op een andere manier wordt uitgekeerd. Het is tijd voor een omslag in het denken over de bonusstructuur. Raken we daarmee geen topbestuurders kwijt? Dat is maar de vraag, want ook de afgelopen jaren verdwenen er weinig Nederlandse topmanagers naar het buitenland. Bovendien kun je je in veel gevallen afvragen of die topbestuurders wel zo goed waren als ze zelf dachten…

Volgende Pagina →